Ganja. Dit woord hoor je vaak in de wereld van de wiet en je ziet deze vijf letters regelmatig op websites, rookaccessoires, verpakkingen van zaden en etalages voorbijkomen. De term wordt meestal nonchalant gebruikt en op één hoop gegooid met veel andere wiet-termen. Maar het woord 'ganja' kent een fascinerende geschiedenis en het ontstaan ervan gaat eeuwen terug. Ontdek hieronder de oorsprong van de term en hoe het zo populair in de wietcultuur is geworden.

Wiet kent vele synoniemen

Je kent misschien wel meer synoniemen voor wiet dan enig ander zelfstandig naamwoord. Er zijn allerlei namen voor de plant en de toppen die ze voortbrengt. Sommige van deze namen hebben een botanische oorsprong. Andere worden vaak als jargon gezien. Dit komt omdat wiet een controversiële geschiedenis heeft, waarbij gebruikers vaak namen bedachten om het onderwerp van gesprek te verbergen. En naarmate bepaalde termen populairder werden, moesten ze in het belang van discretie weer nieuwe verzinnen. De meest gebruikte namen voor wiet zijn:

Weed Ganja
Pot  Marihuana
Stuff Toppen
Shit Hasj




Maar een van deze woorden is niet te vergelijken met de rest: ganja. Veel mensen gaan ervan uit dat dit woord op Jamaica ontstaan is. Hoewel het woord zeker een geschiedenis kent op het Caribische eiland, gaat het veel verder terug de oudheid in.

India: de roots van ganja

Wiet kent een lange en rijke geschiedenis in India. Hoewel de plant waarschijnlijk afkomstig is uit het hedendaagse China[1], verspreidde ze zich uiteindelijk ook naar India. Hier vervulde ze een belangrijke rol als holistisch kruid en religieus sacrament. In deze regio dateert het gebruik ervan al van 2000 v.Chr.

Aangenomen wordt dat verschillende oude teksten naar wiet verwijzen. Sommige geleerden zijn er bijvoorbeeld van overtuigd dat de plant tijdens de Vedische periode een belangrijke rol speelde in de bedwelmende rituele bereiding die 'soma' wordt genoemd. De Rigveda, geschreven tussen 1700 en 1100 v.Chr., vereert dit geestverruimende brouwsel. De Atharvaveda, samengesteld tussen 1500 en 1000 v.Chr., vermeldt ook een heilige plant, namelijk 'bhanga', die werd gebruikt om angst te verlichten.

Deze verwijzingen blijven echter omstreden. De documenten zijn namelijk geschreven in het Sanskriet, een van de oudste en meest systematische talen ter wereld. Dit verouderde taalsysteem is erg complex; zo behelst het wel zeventig synoniemen voor 'water' en honderd namen voor 'olifant'!

De term 'ganja' is afkomstig uit deze moedertaal in de vorm van het woord 'gañjā'. Dit verwijst naar een preparaat gemaakt van wiet. De term werd ook overgedragen naar het Hindi, een nieuwere Indo-Arische taal die van een vroege vorm van het Vedische Sanskriet afstamt. Het woord is in het Hindi bijna hetzelfde: 'gāñjā'.

Gerelateerd Artikel
De geschiedenis van wiet

Maar deze term verwijst alleen naar een bepaald product dat van wietplanten is afgeleid: 'gāñjā' staat voor de toppen, terwijl 'charas' naar de hars en 'bhang' naar de zaden en bladeren verwijst.

De invloed van het Sanskriet op de terminologie in de wietindustrie leeft tot op de dag van vandaag voort. Niet alleen gebruiken we deze termen nog steeds, maar onderzoekers gebruiken de oude taal ook om nieuwe cannabis-gerelateerde moleculen te benoemen.

De gewaardeerde cannabisonderzoeker Raphael Mechoulam ontdekte in 1964 THC, het belangrijkste psychoactieve stofje in de plant. In 1992, in een poging de effecten van wiet op het lichaam beter te begrijpen, ontdekte hij een belangrijke endocannabinoïde die hij 'anandamide' noemde. Deze term is afkomstig van 'ananda', wat in het Sanskriet 'gelukzaligheid' of 'vreugde' betekent. Interessant is ook dat wetenschappers geloven dat dit molecuul ten grondslag ligt aan de euforische sensaties van de 'runner's high'.

Zoals je ziet, heeft het woord 'ganja' een rijke geschiedenis. Maar hoe is deze oude term uit het Sanskriet precies een belangrijk onderdeel van het cannabis-vocabulaire geworden? Dat is een verhaal waarin ongelooflijke wreedheid, het samensmelten van culturen, en de geboorte van een nieuwe religie de hoofdrol spelen.

India: de roots van ganja

De bijdrage van ganja aan de Rastafari

Het woord 'ganja' bereikte de westerse wereld niet via culturele overdracht of missionarissen. Het had namelijk alles te maken met geketende slaven, het kolonialisme en de slavernij. In 1845 begonnen de Britten slaven uit India naar het Caribisch gebied te vervoeren om de arbeidskrachten op de suikerplantages te versterken. In de daaropvolgende decennia kwamen meer dan 40.000 Indiërs naar Jamaica.

De gevangen slaven verloren hun familie, vrijheid en vaderland tijdens die gevaarlijke reis. Maar veel van de elementen van hun cultuur bleven tijdens de oversteek in stand, waaronder ganja.

Slaven uit andere delen van de wereld waren al honderden jaren eerder op het eiland gearriveerd. Al in 1513 werden bijvoorbeeld Afrikaanse slachtoffers van de Atlantische slavenhandel naar Jamaica gebracht. Toen de Britten begonnen met Indiërs naar het eiland te halen, ontstond er onbedoeld een smeltkroes van culturen. Dit zou de wereld, en alles wat met wiet te maken heeft, voor altijd veranderen.

Christelijke missionarissen brachten het evangelie naar Jamaica, en de Afrikaanse bevolking op het eiland gaf er een eigen culturele draai aan. Deze versmelting van religie en cultuur was de aanleiding van het ontstaan van de Rastafari, een religie gebaseerd op de Bijbel. Rasta's hebben echter een aantal andere opvattingen over het christendom. Ze geloven namelijk dat de hemel op aarde is en dat God zich manifesteerde als keizer Haile Selassie I. Bovendien leggen ze een grote nadruk op de spirituele betekenis van ganja.

De slavenhandel is een duister hoofdstuk in de geschiedenis van de mensheid. Maar er zijn altijd lichtpuntjes. Hoewel er veel gruweldaden tijdens deze periode werden gepleegd, gebeurde er ook iets positiefs. Door de mix van culturen, ontstond er namelijk een nieuw geloofssysteem, gebaseerd op hoop, de natuur en vrede.

De mengelmoes van het christendom, de Afrikaanse cultuur en de Indiase roots van ganja leidde tot het ontstaan van de Rastafari. Interessant is ook dat de heilige mannen van de Rastafari en het hindoeïsme een aantal dingen gemeen hebben. Zowel toegewijde Rasta's als sadhoes hebben bijvoorbeeld dreadlocks en roken ganja met eenvoudige hulpmiddelen, zoals chillums en kelken.

Het moderne gebruik van 'ganja'

Culturele iconen als Bob Marley maakten de Rastafari en ganja populair door middel van reggaemuziek. Hierdoor nam de erkenning van beide in de westerse cultuur snel toe. Tot op de dag van vandaag wordt het woord 'ganja' dan ook grotendeels met de Jamaicaanse cultuur geassocieerd. Hoewel de oorsprong van de term weinig aandacht krijgt, komt het begrip bijna overal in de westerse cannabiswereld voor, van coffeeshops en zadenbanken tot in muziek en films. Hier is natuurlijk niets mis mee, zolang we de geschiedenis van deze nu alomtegenwoordige term maar blijven respecteren.

External Resources:
  1. Large-scale whole-genome resequencing unravels the domestication history of Cannabis sativa | Science Advances https://advances.sciencemag.org
Disclaimer:
Deze content is alleen bedoeld voor educatieve doeleinden. De verstrekte informatie is afkomstig uit onderzoek dat is verzameld vanuit externe bronnen.

BEN JE 18 JAAR OF OUDER?

De inhoud van RoyalQueenSeeds.nl is alleen geschikt voor volwassenen met de wettelijk geldende volwassen leeftijd.

Wees er zeker van dat je de wet kent van het land waar je woont.

Door op ENTER te klikken, bevestig
je dat je
18 jaar of ouder bent.