Besteed meer dan € 80 en ontvang 5 extra wietzaadjes. Gebruik nu de code 98THC.

By Marguerite Arnold


Cannabis bestaat, net als andere planten, als een zuiver ras of als een hybride mix van soorten. Omdat de industrie gecommercialiseerd is, worden zowel zuivere variëteiten als bestaande hybrides voortdurend gemixt en opnieuw gecombineerd. Deze nieuwe planten staan bekend als kruisingen of hybrides.

Hybrides ontstaan door de pogingen van mensen om planten aan te passen met specifieke kenmerken, die algemeen voorkomen in ruderalis, sativa en indica soorten. Succesvolle kruisingen erven de beste eigenschappen van hun ouders.

Dit is een gids voor beginners waarin we uitleggen waar hybrides vandaan komen.

Welke hybride soorten bestaan er?

Over het algemeen zijn er vier types:

  1. Sativa x sativa: twee verschillende sativa soorten worden gekruist.
  2. Indica x indica: twee verschillende indica soorten worden gekruist.
  3. Sativa x indica: een dergelijke soort is een hybride met sativa-dominante eigenschappen. De variëteit bezit echter eigenschappen van beide cannabis soorten. Denk bijvoorbeeld aan een grote plant met paarse toppen.
  4. Indica x sativa: deze soort bezit eigenschappen van beide, maar is indica-dominant.

In aanvulling hierop zijn er ook nog autoflowering hybriden. Dit zijn soorten die op een bepaald moment zijn gekruist met ruderalis genetica.

Welke hybride soorten bestaan er?

Het kweken van nieuwe cannabis soorten

Het kweken van planten omvat steeds hetzelfde basisproces. Dit geldt ook voor cannabis. Een vrouwelijke plant moet worden bestoven met mannelijk stuifmeel. Dit gebeurt van nature. Bij de creatie van een hybride, houden de kwekers zich echter bezig met selectief kweken in een gecontroleerde omgeving. Oftewel: ze kiezen zelf de vrouwelijke plant en het mannelijk pollen om één of meerdere specifieke eigenschappen te bewerkstelligen.

De in dit proces ontkiemde zaden zijn de eerste generatie hybrides van de mannelijke en vrouwelijke ouder. De planten met de gewenste eigenschappen, ondergaan dit proces van breeden opnieuw. Zodra deze eigenschappen zijn geproduceerd, stabiliseren de breeders de soort. Met andere woorden: ze kruisen een jonge hybride met de oudersoort om de karakteristieken te versterken. Het stabiliseren van de eigenschappen van een soort vereist meestal drie of meer generaties.

Cannabis kan ook "seksueel" of "aseksueel" worden gereproduceerd. Het seksuele voortplantingsproces bestaat uit het combineren van verschillende ouderplanten. Vegetatieve methoden omvatten ook klonen, stekken en zelfs verdeling van de wortels. Met aseksuele voortplantingsprocessen kan dezelfde plant steeds opnieuw worden geproduceerd.

Video id: 733881361

Dominante en recessieve eigenschappen

'Genetisch erfgoed' verwijst naar het combineren en doorgeven van genetisch materiaal van ouders (of het nu wietplanten of mensen zijn) aan nageslacht. Deze nakomeling zal genetisch materiaal van beide ouders ontvangen, maar specifieke genen van elk zullen de expressie van individuele eigenschappen domineren.

Dit fenomeen werd voor het eerst vastgelegd door wetenschapper Gregor Mendel tijdens experimenten met het kweken van erwtenplanten. Hij kwam met de volgende drie principes van overerving om te bepalen hoe eigenschappen van ouders op het nageslacht worden doorgegeven:

De dominantiewet
Dit is Mendels eerste wet. Deze stelt dat nakomelingen alleen de dominante eigenschap erven. De onderdrukte allelen (genen) die niet tot uiting komen, worden als recessief beschouwd.
De wet van segregatie
Deze wet van Mendel stelt dat elke ouderplant twee allelen bezit, maar dat er slechts één aan het nageslacht wordt doorgegeven.
De onafhankelijkheidswet
Deze wet stelt dat de overerving van verschillende genen een onafhankelijk proces is. Het is daarbij niet afhankelijk van of wordt niet geassocieerd met de overerving van andere genen.

Voor Mendels ontdekking dacht men dat nakomelingen een 'gemengde' combinatie van genen van beide ouders ontvingen. Dit zou dan resulteren in de expressie van eigenschappen die 'ergens in het midden vallen', in tegenstelling tot dominante en recessieve genen.

Volledige versus onvolledige dominantie

Om dit concept met betrekking tot wietplanten te begrijpen, evenals de valkuilen van de wetten van Mendel, hieronder de twee soorten dominantie die er zijn:

  • Volledige dominantie: we hebben het over 'volledige dominantie' als het dominante gen de expressie van het recessieve gen volledig onderdrukt. Dit betekent dat uitsluitend de dominante eigenschappen bij het resulterende fenotype naar voren komen. Deze theorie sluit aan bij de oorspronkelijke studies van Mendel. Voor wat betreft de wietplant, kunnen we kleur als een versimpeld voorbeeld nemen. Stel dat de ene ouder groen als primaire kleur heeft (dominant) en de andere paars (recessief). Volgens de regel van volledige dominantie resulteert dit in uitsluitend groene planten bij de eerste generatie. De daaropvolgende generaties resulteren in vooral groene planten, met enkele paarse planten.
  • Onvolledige dominantie: geen van beide genen is hierbij dominant. Dit resulteert bij het fenotype in zowel dominante als recessieve kenmerken. Het komt minder vaak voor, maar leidt tot intermediaire eigenschappen bij de eerste en daaropvolgende generaties. Dit is in strijd met de dominantiewet en de onafhankelijkheidswet van Mendel. Laten we het bovenstaande voorbeeld er weer eens bij nemen: in dit geval vertoont het nageslacht een mix van groene en paarse tinten, in plaats van het een of het ander. Dat maakt de wet van segregatie van Mendel de enige die correct is. Dit maakt de andere wetten niet per se ongeldig, maar er zijn wel inconsistenties.
Volledige versus onvolledige dominantie

Landrassen en cannabis-subsoorten

Landrassen zijn wietplanten die ooit door mensen zijn gedomesticeerd. Ze hebben zich echter aangepast aan een specifieke geografische regio. Daar groeien ze nu in het 'wild', zonder bemoeienis van mensen (oftewel open bestuiving). Over het algemeen komen deze soorten op afgelegen plekken voor, zoals in berggebieden.

Er zijn drie hoofdtypes cannabis die als landrassen worden beschouwd, en die in verschillende regio's van de wereld voorkomen. En dan zijn er ook nog kruisingen:

  • Indica: dit zijn korte, struikachtige soorten met dichte toppen en een hoge harsproductie. Bepaalde indicalandrassen, zoals Kush, ontwikkelen gemiddelde THC-gehaltes, naast secundaire cannabinoïden en een overvloed van het terpeen myrceen, wat een stone opwekt. Veel indicalandrassen hebben zich aangepast aan de barre omstandigheden in de bergen. Dit maakt ze populair voor het veredelen van robuuste, compacte soorten.
  • Sativa: deze wietplanten zijn over het algemeen lang en slank en ontwikkelen luchtigere toppen. Deze majestueuze soorten komen oorspronkelijk uit streken als Mexico en Zuid-Afrika. Laatstgenoemde is de thuisbasis van Durban Poison. Deze unieke soort bevat veel THC, THCV en terpinoleen, waardoor ze je op authentieke smaken van peper en kruiden trakteert.
  • Ruderalis: dit is een THC-arme subsoort die inheems is in Centraal-Azië en Oost-Europa. Het belangrijkste kenmerk van ruderalis is dat ze niet afhankelijk is van een fotoperiode: ze zal hoe dan ook bloeien, ongeacht het aantal lichturen. Dit is een zeer gewilde eigenschap op de commerciële markt. Als je een autoflowering versie van je favoriete hybride tegenkomt, dan is dit mogelijk gemaakt door een indica of sativa met ruderalis te kruisen.
  • Kruisingen: deze wietplanten zijn het resultaat van het door mensenhanden kruisen van bovenstaande subsoorten. Kruisingen zijn dus een combinatie van indica, sativa en/of ruderalis. Ze bezitten daarbij specifieke eigenschappen die onder breeders, kwekers en gebruikers superpopulair zijn. Een van de eerste commerciële kruisingen was Skunk. Dit was de eerste 'mainstream' kruising tussen een indica en een sativa, en zou zeker niet de laatste zijn.

Naar welke eigenschappen zijn breeders op zoek?

In een commerciële markt kunnen klanten soms heel kieskeurig zijn en naar veel variatie streven. Daarbij zijn bepaalde eigenschappen extreem gewild. En naarmate wiet steeds vaker wordt gelegaliseerd, verwachten we dat deze trend zich alleen maar doorzet.

Als gevolg hiervan streven de meeste professionele breeders naar het behoud van een grote biodiversiteit onder wietplanten. Wie wil nu immers maar één of twee soorten wiet, waarbij niets te kiezen valt, zoals bijvoorbeeld het geval is met de commerciële banaan (de vrucht)?

Hieronder bespreken we de meest gewilde kenmerken wat moderne wietplanten betreft:

  • Oogst

Hoeveel wiet een wietplant uiteindelijk produceert, heeft veel te maken met het genetische erfgoed, de kweekomstandigheden daargelaten. Indica's staan bijvoorbeeld bekend om hun enorme productie van dichte toppen. Deze soorten worden dan ook vaak gebruikt voor nieuwe kruisingen om het oogstgewicht te verhogen. Dat gezegd hebbende, zijn er ook sativa-soorten die erg productief zijn. Deze planten worden vaak duizelingwekkend hoog, tenzij ze gekruist zijn met een indica om het oogstgewicht te behouden en de hoogte in te dammen.

  • Sterkte

In een wereld die dol is op extremen, wordt het THC-gehalte van wiet ook steeds verder opgedreven door krachtige soorten met elkaar te kruisen. Er bestaan inmiddels kruisingen met ruim 25-30% THC in hun toppen, waaronder onze eigen Cookies Gelato. Toch zijn er grenzen: naar verluidt, ligt de drempel op ongeveer 35% per drooggewicht, omdat dit van hetzelfde gen afkomstig is dat wordt gebruikt om andere cannabinoïden te creëren.

Naar welke eigenschappen zijn breeders op zoek?
  • Specifieke samenstelling van cannabinoïden

Naast de sterkte, is er ook een groot verlangen naar een ruimere hoeveelheid andere cannabinoïden in de wietplant. CBD, THCV, CBDA en CBG zijn vier voorbeelden van cannabinoïden die nu in ongekende concentraties verschijnen. Deze populariteit heeft te maken met recente onderzoeken en verhalen waarin de mogelijke gezondheidsvoordelen ervan worden geschetst. Via menselijke interventie kun je inmiddels unieke cannabinoïdenprofielen ervaren die je bij landrassen niet tegenkomt.

Tegenwoordig bestaan er kruisingen met diverse verhoudingen THC:CBD, om aan ieders behoefte te kunnen voldoen. Maar net als het THC-gehalte zijn ook hier beperkingen als het om de algehele hoeveelheid cannabinoïden in wiettoppen gaat. Dit betekent dan ook dat er concessies moeten worden gedaan tijdens het breeden.

  • Effect

We geloofden ooit dat het effect van wiet door het gebruikte type werd bepaald (indica of sativa). Dit klopt echter niet. Het is namelijk de fytochemische concentratie (vooral de cannabinoïden en de terpenen) in een soort die het effect bepaalt. We weten dat THC een high opwekt, maar terpenen verrijken de ervaring met verschillende sensaties. Denk hierbij aan een ontspannen of juist een euforisch effect.

Met dit in het achterhoofd zijn breeders in staat kruisingen aan verschillende wensen aan te passen.

Energiek en opwekkend
Sommige mensen associëren deze effecten met sativa strains. Maar energieke en opwekkende effecten kunnen in feite worden bereikt door een hybride te maken met een gemiddeld THC-gehalte en verkwikkende terpenen, zoals limoneen en pineen. CBD kan daar nog een aardend element aan toevoegen.
Rustgevend en/of een couch lock
Als het THC-gehalte aan de hoge kant is en slaapopwekkende terpenen als linalool en myrceen worden toegevoegd, wordt het ontspannende effect van wiet versterkt. Wil je een lichamelijke stone die ook je zorgen verdrijft? Dan is een hybride met een dergelijk profiel een goede keuze.
Helder
Kiezen voor CBD (of een andere niet-psychotrope cannabinoïde) als de dominante cannabinoïde zorgt dat de ervaring nooit overweldigend wordt. CBD-rijke soorten zijn dan ook bedoeld om gebruikers gefocust en productief te houden, terwijl ze tevens de scherpe randjes eraf halen. Ook hier worden terpenen gebruikt om de effecten van cannabinoïden te versterken.
  • Structuur van de plant

Commerciële breeders richten zich ook op de structuur van planten om kruisingen te optimaliseren. Gigantische wietbomen zijn prachtig om te zien, maar minder geschikt voor thuisteelt, of commerciële operaties. Dat gezegd hebbende, gaat soms de voorkeur juist uit naar lange, slanke planten. In elk geval worden planten vaak gekruist om een bepaald uiterlijk te bewerkstelligen, zonder daarbij compromissen te sluiten als het gaat om de oogst. Je kunt hierbij denken aan de ruimte tussen de nodes, de hoeveelheid toppen en sterkte van de stelen.

  • Smaak en geur

Dit is een belangrijke factor die ook weer van de terpenen in de plant afhangt. Gelukkig zijn er allerlei kruisingen die je op unieke smaken en geuren trakteren. Zo vind je altijd wat je zoekt. Zin in een rijke, diepe smaak of liever iets lichts en fruitig? Er bestaan gegarandeerd soorten die aan jouw behoeften voldoen.

Over het algemeen worden kruisingen geproduceerd die opvallende en dynamische smaken hebben. Zo zijn er strains met chocoladeachtige, citrusachtige en zoete aroma's, maar ook hybrides met prikkelende, bijna overweldigende smaken, zoals Cheese en Diesel.

Het gaat echter veel verder dan dat: breeders zijn ook in staat soorten te maken met vleugjes eucalyptus, honing, snoep, peper, lavendel, munt, bosbessen, gebak... de lijst is eindeloos. Tegengestelde smaken kunnen bovendien worden gecombineerd om wietplanten met complexe, bijna onwerkelijke aroma's te ontwikkelen. Door bijvoorbeeld Blueberry en Cheese te kruisen, smaakt de resulterende THC-rijke soort naar bosbessen-cheesecake!

  • Compactheid

Het formaat van de plant is ook belangrijk voor breeders. Om aan de vraag naar compacte, maar productieve soorten te voldoen, worden vaak sterke indica's gebruikt. Het is echter ook mogelijk om compacte sativa-dominante of gebalanceerde indica/sativa-kruisingen te maken. Hiervoor moeten bepaalde cultivars gedurende meerdere generaties worden gekruist en gestabiliseerd.

  • Snelheid (fast flowering)

Dit is ook een belangrijk kenmerk en wederom iets waar indica (en ruderalis) in uitblinkt. Tegenwoordig worden veel kruisingen veredeld met een korte bloei. Deze bedraagt gemiddeld maar 8-10 weken. Met autoflowering soorten is dit vaak nog korter. Deze hebben ook een korte, vooraf bepaalde vegetatieve fase van ongeveer drie weken.

Ben je fan van wietplanten die langer bloeien, zoals Haze? Weet dan dat breeders ook deze planten hebben gekruist met indica of ruderalis om de bloei van grofweg vijftien weken naar slechts tien of elf weken terug te brengen.

  • Autoflower

Autoflowers hebben kwekers veel voordelen te bieden. In aanvulling op het feit dat ze bloeien op basis van hun leeftijd, zijn moderne autoflowers ook robuust. Daarnaast hoef je geen concessies te doen als het om de sterkte of het oogstgewicht gaat. Autoflowers zijn over het algemeen wel iets minder krachtig en productief dan hun fotoperiodieke tegenhangers, maar het voordeel is dat je je planten minder intensief hoeft te verzorgen. Daarnaast heb je de kans om meerdere keren per seizoen te oogsten. De beste autoflowering hybride soorten zijn strains die de kwaliteiten van de originele indica- of sativa-ouderplant hebben weten te behouden, terwijl ze ook de autoflowering eigenschap van ruderalis benutten.

  • Hars

Een hoge harsproductie staat gelijk aan een overvloedige hoeveelheid cannabinoïden en terpenen. Dit maakt een soort ook geschikter als je graag concentraten of hasj maakt. Bovendien zien met kristallen bedekte toppen er gewoon prachtig uit. Bepaalde indica's zijn van nature sterke producenten van hars. Breeders benutten deze cultivars dan ook om soorten te maken die eruitzien alsof ze met ijs bedekt zijn. Strains die bekendstaan om hun harsproductie, zijn bijvoorbeeld White Widow en ICE.

Naar welke eigenschappen zijn breeders op zoek?
  • Reactie op temperatuurstress

Wiet kan ook worden veredeld om een hoge weerstand tegen overmatige hitte of kou te bieden. Breeders hebben hun best gedaan om kruisingen voor vrijwel elk klimaat te ontwikkelen. Bepaalde soorten zullen zelfs paarse of rode tinten krijgen als de nachttemperaturen tot onder een bepaalde waarde komen. Door deze variëteiten te stabiliseren, geven breeders thuiskwekers de kans om hun planten enigszins stress te bezorgen om ze een gewenster uiterlijk te geven. Dit is echter nog maar één voorbeeld van hoe wietplanten worden veredeld om stress van verschillende temperaturen te weerstaan.

  • Weerstand tegen schimmel, ziekte en ongedierte

Daarnaast worden wietplanten ook veredeld om met schimmels, ziekten, plagen en pathogenen om te kunnen gaan. Zo kunnen harsrijke wietplanten plagen effectiever afweren, en iets luchtigere, meer 'open' toppen schimmelvorming in vochtige omstandigheden voorkomen. Door reeds resistente en veerkrachtige planten te selecteren en te kruisen, is het mogelijk om hybrides te creëren die tegen allerlei bedreigingen bestand zijn.

  • Kleur

Bepaalde landrassen ontwikkelen van nature unieke kleuren. Deze schitterende tinten kunnen vervolgens worden benut en afgesteld om strains te maken met paarse, rode, roze, gele, (bijna) zwarte en uiteraard groene kleuren. Vooral paarse wietplanten zijn al lang erg geliefd. Breeders hebben deze tinten dan ook bij talloze soorten verwezenlijkt.

Niet alle kruisingen worden op dezelfde manier gemaakt

Breeders hebben diverse opties om wietplanten te veredelen. Zo kunnen ze kiezen voor een 'compenserende kruising'. Hierbij worden in wezen de tekortkomingen van een plant beperkt door deze met een andere plant te combineren. Dan is er nog 'gerichte selectie'. Hierbij richt men zich op een bepaald kenmerk van een fenotype om dit bij volgende generaties tot stand te brengen. Een andere optie is zaadproductie (bijvoorbeeld open bestuiving).

  • Compenserende kruisingen

Compenserend kruisen stelt breeders in staat om gewenste eigenschappen van twee afzonderlijke planten te benutten. Hiermee creëren ze dan nakomelingen met de gewenste eigenschappen. Eventuele gebreken worden daarbij gecompenseerd of gemaskeerd. Dit is heel gebruikelijk in de wereld van de moderne veredeling. De ene ouder kan bijvoorbeeld een geweldige sterkte en smaak leveren, terwijl de andere voor hoge opbrengsten en snelle bloeitijden zorgt. Ook als de ene ouder de gewilde eigenschappen van de andere mist, kan middels slim compenserend kruisen een gewenste soort ontstaan.

  • Gerichte selectie

Dit draait om het identificeren van een gewenste eigenschap bij een fenotype, en het stabiliseren van het nageslacht om deze eigenschap aan volgende generaties door te geven. Met andere woorden, je verwijdert ongewenste planten en richt je uitsluitend op de wietplanten waarbij de gewilde eigenschap naar voren komt. Denk bijvoorbeeld aan een gigantische oogst, of een uitzonderlijke kracht of smaak. Breeders kunnen hierbij precies de soort verkrijgen die ze voor ogen hebben.

Niet alle kruisingen worden op dezelfde manier gemaakt
  • Zaadproductie

Bij het veredelen van wietplanten wordt de zaadproductie in wezen aan de natuur overgelaten. Door vrouwelijke planten bloot te stellen aan het pollen van mannetjes, zullen de vrouwtjes zaden produceren. Dit resulteert in een hoge mate van variabiliteit bij het nageslacht. Toch beschouwen sommigen dit niet als echt veredelen. Er worden namelijk geen specifieke eigenschappen uitvergroot. Dat gezegd hebbende, kan deze vorm van 'willekeurig' veredelen wel goede resultaten opleveren, al is het minder consistent.

Al met al is het niet eenvoudig om een nieuwe, succesvolle hybride te ontwikkelen. Het vergt ervaring, geduld en veel werk. En niet alle kruisingen zijn van dezelfde kwaliteit, te beginnen met stabiliteit.

Met dat in het achterhoofd, hier de verschillende types die je op de huidige markt aantreft:

  • Clone-only: een clone-only hybride is uitsluitend uit stekken van dezelfde moederplant opgekweekt. De groeiomstandigheden hebben een grote impact op het eindproduct, maar de kloon is een exacte kopie van de moeder. Op deze manier kunnen de algemene kenmerken van de soort bij toekomstige generaties in stand worden gehouden.
  • Stabiel zaad: dit zijn mannelijke en vrouwelijke planten die herhaaldelijk met elkaar zijn gekruist om specifieke eigenschappen te behouden. Je kunt wel wat genetische variatie verwachten, maar dit is vrij beperkt. Over het algemeen zijn dit de wietzaadjes waar thuiskwekers naar op zoek zijn. Ze bieden namelijk de meest consistente resultaten.
  • Instabiel zaad: deze strains kunnen sneller worden geproduceerd dan een stabiele soort. De resultaten zijn echter niet voorspelbaar. Professionele zadenbanken verkopen geen instabiele hybride soorten.

Kruisingen veroveren de wereld

Op dit moment zijn hybride wietplanten de standaard binnen de industrie. Er zijn daarbij oudere kruisingen die al tientallen jaren in stand worden gehouden, maar er verschijnen ook nog altijd nieuwe soorten op de markt. Het vinden van de perfecte hybride strain met de juiste combinatie van eigenschappen is daarbij een superleuk experiment. Bovendien kun je zo een grote variatie aan wietplanten proeven.

Sommige mensen kiezen ervoor om elk jaar dezelfde soorten te kweken, maar veel kwekers proberen ook andere en meer exotische kruisingen. Probeer het ook maar eens, het biedt je vaak een geheel nieuwe, toffe ervaring!

Doe dus gerust eens gek, ontdek en geniet.

BEN JE 18 JAAR OF OUDER?

De inhoud van RoyalQueenSeeds.nl is alleen geschikt voor volwassenen met de wettelijk geldende volwassen leeftijd.

Wees er zeker van dat je de wet kent van het land waar je woont.

Door op ENTER te klikken, bevestig
je dat je
18 jaar of ouder bent.